Wat te doen tegen IS?

D e ‘Islamitische Staat’ (IS) is mede een product van de cynische machtspolitiek van het westen en Assad. We horen nu weer stemmen opgaan voor westerse interventie. Alsof het niet westerse interventie is, die geleid heeft tot de huidige situatie. In plaats daarvan moet de lokale bevolking geholpen worden om zich tegen IS te verweren.

De Amerikaanse invasie en bezetting van Irak leidden mede tot de groei van Al Qaida, daar waar het eerder nauwelijks bestond. Volgens het wereldbeeld van Al Qaida hebben zij het recht iedereen te doden die hun interpretatie van islam afwijst. Dat wereldbeeld kon zich onder andere vestigen in Irak door de wijze waarop de VS en Groot-Brittannië de tegenstellingen tussen soennieten en sjiieten hebben aangewakkerd. De sjiieten, de meerderheid in Irak maar lang gemarginaliseerd door de soennitische Saddam Hoessein – voor wie clan-loyaliteit zwaarder woog dan religie – maakten van de omwenteling gebruik om oude rekeningen te vereffenen. Het gewapende verzet tegen de westerse coalitie en de nieuwe, door sjiieten gedomineerde Iraakse regering was voornamelijk een zaak van Iraakse soennieten.

Geïnspireerd door de aloude koloniale tactiek van verdeel-en-heers maakten de westerse mogendheden gebruik van die religieuze verdeeldheid om de opstand tegen de Amerikaanse bezetting van Irak neer te slaan. Sjiietische milities werden ingezet tegen soennitische opstandelingen. Zo vormde het Iraakse ministerie van binnenlandse zaken met hulp van Amerikaanse adviseurs in 2004 de ‘Wolf Brigade': sjiietische elite-troepen die aan Amerikaanse zijde vochten. De Wolf Brigade wordt beschuldigd van marteling en massa-executies. Een van de adviseurs van de Wolf Brigade was kolonel James Steele. Deze kolonel was eerder adviseur van de regering van El Salvador toen deze in de jaren tachtig doodseskaders inzette om de bevolking te intimideren. De Wolf Brigade werd ingezet tegen de opstandelingen, en in die strijd bleken ook in Irak doodseskaders actief te zijn. In de straten van Irak werden de lijken gevonden van mensen verdacht van steun aan de opstand. Sommige slachtoffers waren vermoord met elektrische drilboren.

Dit is het soort vuile oorlog gebaseerd op religieuze tegenstellingen waar Al Qaida in gedijt. In 2006 vormden verschillende soennitische fundamentalistische groeperingen de ‘Islamitische Staat van Irak’, beter bekend als Al Qaida in Irak. Het tij keerde echter toen de Amerikanen hun militaire aanwezigheid opvoerden en lokale soennitische clans wisten te overreden om IS te bevechten. De groep week grotendeels uit naar Syrië, waar het aanvankelijk vreedzame verzet tegen de dictatuur naar de wapens moest grijpen om niet in bloed gesmoord worden.

Ondanks veel gepraat, heeft het westen nauwelijks een vinger uitgestoken om de Syrische rebellen te steunen. Degenen die wel geld en wapens leverden, waren soennitische fundamentalisten uit onder meer Saudi-Arabië en de Golfstaten. IS en de andere Al Qaida franchise in Syrië, Jabhat al-Nusra, maakten goed gebruik van hun netwerken in Irak om die steun Syrië binnen te krijgen. Zij gebruikten deze middelen onder meer om niet-soennitische minderheden aan te vallen. Delen van deze minderheden werden zo in de armen van het regime gedreven en zo kreeg ook hier de strijd steeds meer een religieus karakter.

Het Assad-regime speelde hier cynisch op in; fundamentalisten werden vrijgelaten uit de gevangenis in de – correcte – verwachting dat zij zich tegen de meer gematigde islamisten en seculiere delen van de oppositie zouden keren. Terwijl het Assad-regime de retoriek van de War on Terror begon te gebruiken, werd de confrontatie met de meest extreme fundamentalisten lange tijd vermeden door Assads troepen. De fundamentalisten gingen steeds meer de oppositie bepalen en het Westen werd allengs nerveuzer over de Syrische rebellen. Machiavelli zou nog wat kunnen leren van Assad.

IS is ondertussen officieel Al Qaida uitgezet, niet omdat het ‘nog radicaler’ zou zijn, maar vanwege tactische meningsverschillen. Al Qaida en Jabhat al-Nusra zijn voorstander van een verenigd front tegen Assad – tot het regime is gevallen. Maar IS heeft het vestigen van haar eigen macht nu als hoogste prioriteit en viel daarom liever de relatief zwakkere Syrische rebellen aan dan het regeringsleger. Een ander meningsverschil is dat IS streeft naar het vormen van een eigen staat – volgens Al Qaida is dat voorbarig zolang de VS militair nog zo machtig is. Sindsdien heeft de gehele Syrische oppositie, inclusief Jabhat al-Nusra, zich tegen IS gekeerd. Het monster is echter al te groot geworden. Verschillende steden waar de Syrische rebellen IS verjaagd hebben, zijn inmiddels weer door IS heroverd. In Irak, haar oude thuisbasis, kon IS gebruik maken van de bestaande onvrede onder soennieten over de manier waarop de door sjiieten gedomineerde regering hen benadeelde.

‘God en PKK hebben ons gered’

Wat nu? De VS bombardeert opnieuw Iraaks grondgebied, ditmaal op verzoek van de Iraakse regering. Maar zoals Obama zelf toegeeft zal dit niet genoeg zijn om IS te verslaan. Wapens leveren, dat is nu het devies van de VS en Frankrijk. Nederland aarzelt nog maar zal allicht besluiten te helpen en misschien dezelfde keuze maken als Duitsland: geen wapens leveren, maar wel ‘niet-dodelijk’ materiaal als kogelvrije vesten en brandstof. Zo kan Nederland doen alsof het de handen schoon houdt, maar in de praktijk betekent het dat bijvoorbeeld de VS en Frankrijk meer ruimte krijgen om zich op de echte wapentoevoer aan de regering van Irak te concentreren.

De Iraakse regering is echter deel van het probleem. Recente oproepen voor het opnieuw vormen van sjiietische milities, dit keer om tegen IS te vechten, geven weinig hoop dat de spiraal van religieuze haat verbroken zal worden. De VS en haar bondgenoten proberen nu af te dwingen dat een nieuwe regering in Irak de soennieten wat meer tegemoet zal komen. Maar hoeveel gaat dat helpen? IS is een militaire macht, en zij heeft haar kracht vooral te danken aan zware wapens en bloedfanatieke strijders die al jarenlange gevechtservaring hebben. Ook als de bevolking hen niet steunt of zich begint te verzetten, zoals al gebeurt in delen van Syrië waar mensen het schrikbewind van IS beu zijn, zal deze niet zomaar verdwijnen.

De Franse en Amerikaanse wapens gaan naar de Iraakse regering, maar ook naar ‘de Koerden’. In de praktijk wordt hiermee de regering van de autonome Koerdische regio in Irak bedoeld, gevormd door de Koerdische Democratische Partij (KDP) van premier Barzani. De KDP is minder repressief en corrupt dan de Iraakse regering maar is wat democratische verworvenheden betreft ook geen lichtend voorbeeld. De Koerdische strijdkrachten zijn in wezen de militie van de KDP en deze lijkt meer geïnteresseerd in het gebruiken van de ontstane situatie voor het uitbreiden van de eigen macht dan in het bestrijden van IS. Zo werd bijvoorbeeld het strategische Kirkoek ingenomen terwijl elders KDP-troepen zich terugtrokken voor IS.

Ulla Jelpke, woordvoerster van de Duitse partij Die Linke, was aanwezig in het noordoosten van Syrië en beschreef wie wel verzet tegen IS organiseert. Zij verklaarde dat de werkelijke hulp niet kwam van Amerikaanse luchtaanvallen, of van de regeringen van Irak of Barzani; ‘God en de PKK hebben ons gered’, vertelden vluchtelingen Jelpe. Ze berichtte hoe het guerrilla’s van de in Oost-Turkije gebaseerde Koerdische Arbeidspartij en hun Syrische bondgenoten van de Partiya Yekîtiya Demokrat (PYD, Democratische Unie Partij) waren die vluchtelingen te hulp schoten. Terwijl het land verscheurd wordt door burgeroorlog, zijn de Koerden in het noordoosten van Syrië erin geslaagd autonome gebieden te vormen. Al in juni trokken honderden PKK-strijders de Syrische grens over om hun bondgenoten van de door de PYD georganiseerde Volksbeschermingskrachten (Yekîneyên Parastina Gel, YPG) te helpen deze gebieden te beschermen tegen IS. Het zijn deze strijders die nu een vluchtgang voor Yezidi’s en andere vluchtelingen hebben vrijgevochten.

Of Barzani zich hun solidariteit waardig zal tonen is te betwijfelen; hij is een oude tegenstander van de PKK, de YPG en hun Iraanse bondgenoten PJAK. Desondanks staan strijders van al deze bewegingen, samen met die van de Iraans-Koerdische KDPI, nu vooraan in het gevecht tegen IS en werken zij samen met de KDP. De PKK heeft haar ideologische wortels in het stalinisme maar heeft een lange politieke evolutie doorgemaakt. De beweging streeft nu vooral naar autonomie en gelijke rechten voor de Koerden – ook al is de partij intern nog langs rigide stalinistische lijnen georganiseerd.

De door de YPG gecontroleerde gebieden in Syrië zijn relatief rustig. De YPG heeft Arabische, Turkmeense en christelijke vluchtelingen binnengelaten en heeft vertegenwoordigers van deze groepen opgenomen in de lokale besturen. Net als de PKK en PJAK gaat de YPG uit van de gelijkheid van vrouwen. De YPG heeft geprobeerd zich afzijdig te houden van de strijd tegen Assad, ook al was het deze volksopstand die het in de gelegenheid stelde om de autonome regio’s te organiseren. Een groot deel van de Syrische oppositie weigert echter zich uit te spreken voor zelfbestuur van de Koerden. De fundamentalisten in de oppositie hebben geen sympathie voor de seculiere YPG.

Concluderend: IS is een beweging die alleen met gewapend geweld verslagen kan worden. Een beweging die verslagen moét worden, het is immers de doodsvijand van ieder die streeft naar vrijheid, gelijkwaardigheid en democratie. Wapens voor de Koerden dus? Ja, inderdaad, wapens voor de Koerden. Maar daar kan het niet bij blijven. Wapens die nu aan Barzani geleverd worden, kunnen morgen gebruikt gaan worden tegen de Koerdische concurrenten van de KDP. Maar juist deze concurrenten hebben – door hun strijd tegen IS en hulp aan Yezidi’s – laten zien recht te hebben op steun, meer dan Barzani’s KPD. De Amerikaanse luchtaanvallen kunnen hen helpen in hun strijd, links hoeft deze niet toe te juichen maar net zomin daartegen te hoop te lopen.

De Nederlandse regering verklaart dat het Koerden niet zal vervolgen die naar Irak vertrekken om tegen IS te vechten. Dat is mooi, maar wat als deze Koerden meevechten in een eenheid van de PKK? Deze organisatie is nog steeds verboden in Nederland (en in die andere landen die nu ‘vrienden van de Koerden’ zeggen te zijn: Duitsland en Frankrijk). Er zijn al Koerden uit Europa naar het noordoosten van Syrië vertrokken om te vechten tegen IS. Grote kans dat deze Koerden zij aan zij met de PKK vechten, misschien zelfs in een eenheid van de PKK. Moeten zij ook vrezen later beschuldigd te worden van steun aan een ‘terroristische organisatie’? De PKK en haar Syrische en Iraanse bondgenoten moeten erkend worden als legitieme vertegenwoordigers van Koerdische minderheden. Hun recht op deze titel hebben ze de afgelopen dagen eens te meer bewezen.

Dit stuk is eerder geplaatst op Grenzeloos.

Tags: , , ,

Alex de Jong studeerde geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Hij was redacteur van het socialistische blad Grenzeloos en werkt bij het IIRE in Amsterdam. Hij houdt zich in het bijzonder bezig met linkse bewegingen in de regio van Zuidoost Azië.

3 Responses to “Wat te doen tegen IS?” Subscribe

  1. Cas 16 augustus 2014 at 17:38 #

    Bedankt voor dit artikel, heel erg verhelderend! Ik vraag me af wat je nog meer denkt van de ´verdeel-en-heers-methode’ van Westerse grootmachten in deze gebieden: vooral: hoe bewust wordt ze uitgevoerd, waarop is deze strategie gebaseerd en wat is haar uiteindelijke doel? Behalve economische belangen zekerstellen?

    • TENK 17 augustus 2014 at 14:06 #

      Het is geen doel op zich. Het gaat hier om een specifieke strategie die de Amerikanen hebben gebruikt om de sunnitische opstand te bestrijden. Is goed gedocumenteerd, zie deze film van de Guardian:

  2. Alex 17 augustus 2014 at 14:00 #

    Ik denk dat deze strategie heel bewust en al heel lang wordt ingezet. De VS en andere westerse machten steunden bijv. decennialang als tegenwicht tegen linkse en nationalistische bewegingen de rechtse, soennitische Moslimbroeders.

    Dat is gewoon ouderwetse realpolitik. Een andere basis van deze strategie is de sterk aanwezige oriëntalistische opvatting dat moslims vooral gedreven worden door religieuze ideeën, en niet door politieke opvattingen, en dat dus vooral op die religieuze opvattingen ingespeeld moet worden. Zo’n aanpak kan het karakter krijgen van een self-fullfilling prophecy.

    Wat ik niet denk is dat ‘het westen’ noodzakelijkerwijs streeft naar sektarisch geweld, eerder dat dit vaak een onbedoeld gevolg is van dergelijk gestook. Wat het plaatje nog verder vertroebelt is dat, in tegenstelling tot wat wel eens wordt aangenomen, westerse bondgenoten in het Midden-Oosten geen willoze marionetten zijn maar wel degelijk een eigen agenda hebben en zich tegen hun vroegere bondgenoten kunnen keren. Zie de Moslimbroeders bijvoorbeeld.

    In Irak waren vanaf het begin politieke belangen belangrijker dan direct economische. Het ging om het tonen van de Amerikaanse macht, het ontzeggen van toegang tot de regio aan (toekomstige) rivalen en waarschijnlijk geloofden bijv. neocons echt in hun eigen propaganda over het ontketenen van de democratische kettingreactie in de regio (neocons hebben nogal een ‘white savior complex’) Toen het misging in Irak werden de doelen bijgesteld en was het streven om te kunnen vertrekken met zo min mogelijk gezichtsverlies en achterlating van een stabiele regering. Dat is allemaal mislukt en het hele Irak avontuur was een zware nederlaag voor de VS. Mijn indruk is dat het VS nu ontbreekt aan een duidelijke lang termijn strategie

Reageer